Tags

, ,

Half elf ‘s avonds. Ik was laat thuis en had ongelofelijke honger. En niet te vergeten; ik was moe, doodmoe en wilde het liefst meteen door naar bed. En dus bestelde ik online een pizzaatje bij Domino’s. Nog geen half uurtje later hoorde ik een brommer voor mijn huis tot stilstand komen.

Halfslapend opende ik de deur. Het doel was om de pizza zo snel mogelijk uit zijn handen te pakken, het gepaste geld terug te leggen en de deur te sluiten. Ik verwachtte namelijk weer zo’n ongemanierde, brutale en asociale gast die nog nooit van vriendelijkheid, oogcontact en schone handen had gehoord.

‘Goedenavond mevrouw. Hierbij de pizza die u had besteld’, zei een jongen die het syndroom van Down leek te hebben. Hij lachtte breeduit, terwijl hij me aankeek en de pizzadoos (recht!!!) aan me gaf. ‘Jouw onverwachte vrolijkheid maakt mijn hele dag goed’, zei ik tegen hem. Zijn hele gezicht lichtte op. ‘Dank u. Ik vind het fan-tas-tisch om dit werk te doen’, zei hij. En ik geloofde hem. Zijn big smile verraadde het.